31.12.08
De Legende van het Duivelsteen, verteld door Anton Cogen, in een muzikaal hoorspel
Luisterspel/audio drama. Tekst: Patrick Bernauw. Muziek en geluidseffecten: Fernand Bernauw. Stem: Anton Cogen.
http://www.associatedcontent.comvideo/55736/de_legende_van_het_duivelsteen.html
8.5.07
Mysteries van het Duivelsteen - klik hier voor meer demo's
Stripclip "De Onthoofdingsbrug" (tekst en muziek: Gerard de Duivel - uitvoering: de Bende van de Duivel - vormgeving stripclip: Mario Boon)
12.9.06
Mysteries van het Duivelsteen: programma & opdrachten

Nu al meer dan tien jaar geleden verdween de Gentse chansonnier GERARD DE DUIVEL (schuilnaam van Gerard Vilain) op een mysterieuze wijze na een optreden in het Gentse Duivelsteen. Gerard De Duivel was een ware poète maudit, die beweerde de reïncarnatie te zijn van de gelijknamige dertiende eeuwse Gentse burggraaf. Over deze historische Gerard De Duivel werd onder meer verteld dat hij en zijn zoon verliefd werden op hetzelfde meisje. De vader probeerde zijn zoon uit de weg te ruimen, maar werd het slachtoffer van zijn eigen hinderlaag en verdronk in het water bij het Duivelsteen.
Ook Gerard Vilain en zijn vader werden ooit verliefd op hetzelfde meisje. In 1978 trof men het lijk van de vader aan in het water bij het Duivelsteen. Een ongeval? Zelfmoord? Gerard werd een tijdje verdacht van moord, maar bij gebrek aan bewijzen vrijgelaten. Hij raakte aan lagerwal, kwam ten slotte aan de kost als straatmuzikant en werd in 1994 ‘ontdekt’ door een platenbaas.
Terwijl Gerard werkte aan de cd Duivelsteen gaf hij tijdens de Gentse Feesten editie 1995 een reeks spraakmakende concerten… om daarbij dus spoorloos te verdwijnen. Acteur ANTON COGEN heeft hem nog goed gekend. In 2005 organiseerde hij op de Gentse Feesten al een herdenkings-festival, naar aanleiding van de tiende verjaardag van Gerards verdwijning, in de hoop de MYSTERIES VAN HET DUIVELSTEEN alsnog op te lossen…

Lost ù de MYSTERIES VAN HET DUIVELSTEEN op?
Deze website is uitsluitend bedoeld voor de spelleider van MYSTERIES VAN HET DUIVELSTEEN, ter voorbereiding van het crimi stadsspel, door de spelleider (m/v). Hij/zij zal uitprinten en wijzigen wat dient uitgeprint en gewijzigd te worden (selecteer een bepaalde passage en print uit, of kopieer een bepaalde passage in een Word Document en wijzig op die manier de tekst).
Deze spelleider (m/v) zorgt ervoor dat:
1./ Alle team-leden de stripclips "Isabel Danst", "Ten Duinen" en "De Onthoofdingsbrug" hebben bekeken en beluisterd op de pc (zie de cdrom die ter beschikking werd gesteld) of op de website waarop men terecht komt als men klikt op de titel van dit artikel.
2./ Alle team-leden de interviews en het luisterspel "De Legende van Gerard de Duivel" hebben beluisterd op de pc (zie de cdrom die ter beschikking werd gesteld) of op de website waarop men terecht komt als men klikt op de titel van dit artikel.
De korte inhoud van deze verklaringen vindt u ook op deze blogspot. Zij kunnen door de spelleider aan de deelnemers ter beschikking worden gesteld als een dossier, in een printout van deze website. Let wel, het is NIET de bedoeling dat de deelnemers deze website vooraf gezien hebben, en het is zéker niet de bedoeling dat ze de brief van Anton Cogen met de bijgaande foto's vooraf gezien hebben. Deze website is uitsluitend bedoeld voor de spelleider(s).
3./ Alle teams begeven zich nu naar Gent om het mysterie op te lossen. Zelf begeeft de spelleider zich naar de plekken waarover u hieronder alles kunt lezen.
ROUTE & OPDRACHTEN VAN DE DIVERSE TEAMS:
Het is nu - laten we zeggen - 00.00 uur (de timing kan aangepast worden en is hier slechts richtinggevend). U bevindt zich nu op het Woordrow Wilsonplein. Neem de Vlaanderenstraat en begeef u naar het DUIVELSTEEN. Hier – en in de vlak bij gelegen Sint Baafs kathedraal – lost u de volgende opdrachten op (elke juist opgeloste vraag wordt beloond met 1 punt):
HET DUIVELSTEEN & SINT BAAFS:
1.) Wie was Geraard de Duivel, volgens het straatnaambord dat u bij het standbeeld van de schilders van het Lam Gods kunt lezen? En van wanneer tot wanneer leefde hij?
2.) Als u voor het Duivelsteen staat, kunt u lezen welke functies het gebouw in de loop der tijden heeft gehad. Som ze allemaal op.
3.) In de Vydkapel van de Sint Baafs wordt een fotografische reproductie van het Lam Gods bewaard, waaruit een paneel in 1934 spoorloos is verdwenen. Wat is de naam van dit paneel? En wat dragen de gebeeldhouwde engelen in de Vydkapel?
BELFORT (EMIEL BRAUN PLEIN):
In 1716 besloot het stadsbestuur de bouwvallig geworden gevangenis op de Koornmarkt te slopen en een nieuwe gevangenis te bouwen. Toch zou het nog bijna dertig jaar duren voordat, bij het Belfort, een laat-classicistisch gebouwtje verrees, waarop architect David ’t Kindt de sage van de ‘Caritas Romana’ liet uitbeelden. Aan dit beeld is het volgende verhaal verbonden:
Een oude burger van Gent had een zwaar misdrijf begaan en werd veroordeeld om gekerkerd te worden en de hongerdood te sterven. Zijn dochter hield veel van hem en ging hem elke dag bezoeken. Dit werd haar toegestaan, op voorwaarde dat ze geen eten of drank zou meebrengen. Het meisje beloofde dat en hoewel ze telkens gefouilleerd werd voordat ze de cel van haar vader betrad, vonden de cipiers nooit spijzen of dranken op haar lichaam. Toen er zo een paar weken voorbij waren gegaan en de grijsaard nog steeds geen tekenen van zwakte vertoonde, kregen de cipiers argwaan. Eén van hen besloot een oogje in het zeil te houden, zodra het tweetal alleen werd gelaten. Hij kwam tot de ontdekking dat het meisje haar vader de borst gaf. De cipier vertelde dit aan de graaf, die haar vroeg of zij soms een kind had gebaard. ‘Neen, heer graaf,’ antwoordde het meisje. ‘Ik ben nog maagd.’ - ‘Hoe is het dan mogelijk dat jij je vader de borst geeft?’ riep de graaf uit. Dat wist het meisje ook niet, en ze barstte uit in tranen. De graaf liet zich vermurwen en schonk haar vader genade…
4.) Hoe wordt dit beroemde beeld genoemd in het Gents dialect?
Zak nu af via de MAGELEINSTRAAT en de KALANDEBERG naar de KOESTRAAT. Spoor hier uw spelleider op, tussen 00.30 en 01.00 uur. Hij/zij heeft een paar onmisbare tips voor u om het mysterie rond de persoon van GERARD DE DUIVEL op te lossen. Deze tips werden daar achtergelaten door Anton Cogen en bestaan uit een printout van de brief van Anton Cogen (op deze website te vinden), de foto's van Luc Bogaert en het beluisteren van de opname "Veuve Noire". (De spelleider zorgt er dus voor dat hij/zij met dit materiaal ter plaatse is.)
Ga vervolgens naar HET GRAVENSTEEN:
Aan de Onthoofdingsbrug is een legende verbonden waarover Gerard de Duivel nog een liedje geschreven heeft.
5.) Vertel ons in het kort het verhaal, verbonden aan de Onthoofdingsbrug.
We storten ons nu via DE GELDMUNT en de HARINGSTEEG in het PATERSHOL, één van de oudste wijken in Gent. Het heeft zijn gesloten stratenpatroon uit de middeleeuwen bewaard… en is dus een doolhof gebleven. Tot de 17de eeuw was het de wijk van de Ploters (leertouwers) die er hun bedrijven hadden. In de 17de en 18de eeuw werd het de woonplaats van talrijke magistraten verbonden aan de rechtbanken die in het Gravensteen zetelden. Toen het Gravensteen verkocht werd en omgevormd werd tot fabriek, verdween de magistratuur uit het Patershol. Hun huizen werden opgedeeld in kleinere woonplaatsen voor arbeiders. Maar toen de fabrieken zich op het einde van de 19de eeuw naar de buitenwijken verplaatsten en de werknemers volgden, werd het Patershol het verblijf van de minstbedeelden: een wijk van kroegen, logements-huizen en bordelen. De prostituees met hun pooiers, de vechtersbazen en lanterfanters zijn nu verdwenen. Vanaf 1980 herstelde de wijk zich. Veel van de zowat 100 beschermde huizen zijn reeds volledig gerestaureerd. Talrijke restaurants vonden er hun plaats. Je kan er ook het voormalige karmelietenklooster (Caemersklooster) en de kapel van de Norbertijnen bezoeken.
6.) Hoe komt het Patershol aan zijn naam?
Begeef u via PLOTERSGRACHT, RODEKONINGSTRAAT en MEERSENIERSSTRAAT naar het GROOT KANONPLEIN.
Breng hier mét en vóór zoveel vrijwilligers als u kunt vinden tussen 01.30 uur en 02.00 uur de ODE AAN DE DULLE GRIET (tekst Gerard de Duivel):
O mijn dulle, dulle Griet,
groter kanon bestaat er niet:
als gij op de vijand schiet,
gaat die op de loop subiet!
Wat hebt gij een zwaar geschut:
elk schot dat is een uppercut.
De vijand staat dan mooi voor schut
en is voor u de Kop van Jut!
O mijn dulle, dulle Griet,
groter kanon bestaat er niet:
eender wie dat u beziet
staat perplex en gelooft het niet.
Gij ligt hier aan de waterkant
voortdurend te waken want
breekt de vijand het bestand,
dan schiet gij hem naar pierenland.
O mijn dulle, dulle Griet,
groter kanon bestaat er niet:
gij zijt een prachtig rekwisiet,
verdedigster van ’t grondgebied!
De spelleider is in de buurt en fungeert als jury. De beste artistieke prestatie (voor het meeste publiek? voor het hardst applaudiserende publiek? met het meeste medewerkers? enz...) wordt beloond met 2 punten.
Tussen 02.30 en 03.00 uur spoort u de spelleider op in of bij het BAUDELOPARK en u bezorgt hem/haar de juiste antwoorden op de hierboven gestelde vragen, en natuurlijk ook de oplossing van het Mysterie van het Duivelsteen.
Wat is er gebeurd met Gerard de Duivel? Pleegde hij zelfmoord of werd hij vermoord? Door wie dan… en waarom? Of is er nog iets anders aan de hand? Waaruit leidt u dit af? Vertel het ons hier:
Wie de spelleider na 02.30 en voor 03.00 het snelste het meest volledige en juiste antwoord bezorgt in verband met de Mysteries van het Duivelsteen, ontvangt 5 punten. Juiste oplossingen van het mysterie ontvangen 3 punten.
Tel hierbij nu de andere punten op. Wie is de eindwinnaar?
Brief, foto's en opname gemaakt door Anton Cogen (Veuve Noire - klik op deze titel om de opname te beluisteren)


Verklaringen Gilbert Leduc, Isabel Degraeve & Yves Bonduelle
Gerard Vilain, geboren in ’60, zat in zijn eerste jaar Romaanse aan de Rijksuniversiteit van Gent, toen hij verliefd werd op een studentin van wie de naam hier geen enkel belang heeft. Hij bracht zijn vriendinnetje mee naar huis, waar zijn vader – eveneens een Gerard geheten – verliefd werd op hetzelfde meisje. Korte tijd later werd het lijk van Gerard senior aangetroffen, verdronken in het water bij het Duivelsteen. Een ongeval? Moord? Zelfmoord? Wie zal het zeggen… Op zijn lichaam werden geen sporen van geweld aangetroffen… Gerard junior werd een tijdje verdacht van moord op zijn vader, maar daarna bij gebrek aan bewijzen vrijgelaten. Het meisje vertrok naar Katmandoe, een populaire bestemming voor de hippies van de late jaren zeventig. Ze was zwanger, zoveel staat vast. Zowel Gerard senior als Gerard junior… of een nobele onbekende… komen in aanmerking voor het vaderschap. De kwestie werd tot op de dag van vandaag niet opgelost, om de eenvoudige reden dat het meisje nooit is teruggekeerd van Katmandoe.
Door deze gebeurtenissen maakte Gerard junior zijn studies niet af. Ook hij vertrok op wereldreis. Hij zag alle grote steden van Europa en kwam aan de kost als straatmuzikant. Zo werd hij ook ontdekt door Isabel Degraeve, op dat moment werkzaam als talent-scout voor mijn platenfirma Duck Music. Isabel werd – en ik citeer: ‘verpletterd door de schroeiende intensiteit van zijn muziek, zijn teksten en de vertolking daarvan’. Ze nam Gerard mee naar huis, voedde hem, gaf hem te drinken, bood hem een bed aan voor de nacht… en kroop er daarna ook zelf in. ‘De nieuwe Jacques Brel is opgestaan!’ gilde ze, toen ze de volgende ochtend bij mij op kantoor verscheen. Gerard Vilain, zo klonk het, maakte een eigenzinnige en moderne mix van de aloude Vlaamse volksmuziek, folk en het Franse chanson. Zijn teksten noemde Isabel ‘uiterst poëtisch’, zij het zeer donker en zwartromantisch. Ze beschreef mij dit nieuwe talent als een volbloed ‘poète maudit’, een verdoemde dichter, die uitsluitend zong over liefde en dood en gefascineerd werd door zijn familienaam… Hij zou namelijk een afstammeling zijn, in rechte lijn, van de beruchte semi-legendarische Gentse burggraaf Geraard de Duivel. Vooral dat laatste vond ik, als platenproducent, een interessant gegeven. Toen ik bovendien van haar vernam dat Gerard een op zijn minst zéér interessant levensverhaal achter de rug had, heb ik haar dan ook groen licht gegeven om de artiest op te nemen in onze stal. Een sappig levensverhaal is altijd mooi meegenomen bij de promotie van een nieuw album; artiesten die iets te vertellen hebben doen het goed in de media, op voorwaarde dat hun ‘backstory’ op de juiste manier geëxploiteerd wordt, natuurlijk… En daarvoor was men bij mij wel degelijk aan het juiste adres!
Ik verzon voor onze vriend Vilain de artiestennaam Gerard de Duivel, liet wat smeuïge details over zijn leven uitlekken in de pers en stuurde hem met Isabel als producer en een stuk of wat collega-straatmuzikanten de studio in voor de opname van een eerste cd, die Duivelsteen zou heten. Ook de titel van de cd kwam, tussen haakjes, uit mijn koker. Jammer genoeg vond de heer Vilain het niet nodig ook een liedje te schrijven met die titel, een autobiografische song bijvoorbeeld, die hem van een zitje in de praatprogramma’s en een vast stekje in de boekskes zou verzekerd hebben. Maar soit, een mens kan niet alles hebben, zullen we maar zeggen. Isabel en haar vriendje namen heel wat nummers op… Isabel Danst dat hij speciaal voor haar had geschreven, Les Dunes en Veuve Noire waarmee hij twee heuse hits scoorde in Wallonië en in Frankrijk… en Isabel zette ook een concert-toernee door heel Vlaanderen op, terwijl ik het product ‘Gerard de Duivel’ als muzikaal ‘enfant terrible’ trachtte te slijten aan de gespecialiseerde pers… En met succes, moet ik zeggen, want er ontstond al gauw een begin van een ‘hype’ rond mijn artiest…
En toen liep het verkeerd… Na een spraakmakend optreden in het Duivelsteen, ter gelegenheid van de Gentse Feesten editie 1995, verdween mijn poulain in het gezelschap van een jongeman die – zo stelden diverse getuigen – verdacht sterk op hem geleek. En sindsdien ontbreekt van hem, en van de mysterieuze jongeman, ieder spoor. L’histoire se répète, zo luidt het gezegde. Heeft de duistere geschiedenis van het Duivelsteen, van vader en zoon Gerard de Duivel, zich dan opnieuw herhaald? Werd Gerard vermoord door deze jongeman… zijn zoon? Heeft hij de jongeman vermoord? Pleegde hij zelfmoord? Of is er nog wat anders aan de hand? Wie zal het zeggen…

VERKLARING VAN ISABEL DEGRAEVE:

Ik weet wel wat het smerig varken zoal vertelt… Leduc hé… Maar ik zeg u: ’t is non-sens! Allemaal non-sens! En ik kan het weten, want ik ben de Isabel uit het liedje dat Gerard speciaal voor mij geschreven heeft… Isabel danst… En ja, ik dans… op het zoete geluid van zijn stem… ah! zijn duivelse stem!...
Ja, ik ben dé Isabel Degraeve die Gerard de Duivel heeft ontdekt, meneer! En dé Isabel Degraeve zegt dat het nonsens is, wat het smerig varken zoal vertelt… Ik bedoel Leduc hé… Dat hij het mysterie rond Gerard de Duivel alsnog zou willen oplossen! Hà! Zijn enige bedoeling toen, net zoals nu, die was… die is… die zal altijd zijn: een zo groot mogelijke hype te creëren rond Gerard, mijn Gerard… waar hij en alleen hij dan zijn voordeel mee kan doen! Hij wilde toén al een hype creëren om de cd van Gerard zo sterk mogelijk te lanceren… en hij wil uit zijn… uit onze… uit de trieste geschiedenis van Gerard… en van mij… ook nù weer munt slaan!
Goed, goed… Het smerig varken kan dan wel zeggen dat ik toch maar met die onbekende jonge gast in bed ben gedoken… Het smerig varken kan dan wel zeggen dat ik Gerard zo jaloers heb gekregen dat hij die gast zijn kop heeft ingeslagen en daarna is ondergedoken… Of dat ik de anonieme jonge gast zijn kop zo zot gemaakt heb dat hij die van Gerard heeft ingeslagen en daarna is ondergedoken!... ’t Blijft mij allemaal eender wat hij zegt… Hij heeft al zoveel gezegd!… En ’t zijn leugens! ’t Zijn allemaal leugens!
Oké, oké, ik kan niet ontkennen dat ik te doen heb gehad met die gast, ik kende niet eens zijn naam… Allez, toch niet zijn echte naam… Maar het smerig varken moet niet proberen de verantwoordelijkheid voor de gebeurtenissen van ’95 in mijn schoenen te schuiven, hé! Ah nee hé! Het varken zélf is verantwoordelijk voor de moord op Gerard, niet ik! En het moet nu maar eens gedaan zijn met dat geroddel van hem! Over mij!
Hij heeft die gast destijds betaald om mij te verleiden… Het smerig varken, bedoel ik… Hij wilde de indruk wekken dat de geschiedenis van Gerard de Duivel zich herhaalde… Dat zou het goed doen in de boekskes! Zo kon de plaat met de grootst mogelijke hype gelanceerd worden! En toen is het uit de hand gelopen en nu… Oké, oké… Het zwijn zal u zeggen: ‘Dames en heren, ik wil er u toch even op wijzen dat deze… dat dit drankorgel destijds in loondienst was bij mijn firma Duck Music en voor mijn rekening een cd heeft opgenomen met Gerard de Duivel en dat ze nog steeds weigert mij àlle originele opnames te geven, waarvoor ík nota bene betaald heb!’ Dat is waar, dat is zeer waar. Maar ik zeg u dat ik de nagedachtenis van Gerard niet zomaar door het slijk laat sleuren door een vunzig varken! Hij heeft al processen gevoerd om die opnames, waarvan hij vindt dat ze hém rechtmatig toebehoren, weer in zijn bezit te krijgen! Maar no way hé! Over my dead body hé! (giechelt.) De computer is gecrashed, zeg ik dan. In de opnamestudio, monsieur le juge. Crash! Boem! Patat! Opnames weg! Hà!
Het smerig varken zal de rest van de opnames nooit krijgen! Never en jamais, Leduc! Oké, Isabel Danst en die Franse liedjes had hij al, maar de rest… dat hij ze opneemt met de muziek van Gerard en de stem van anonieme artiesten, hij doet maar! De rest van de opnames krijgt hij nooit! Hoort ge mij? Wilt hij er een full cd van maken, wel, dan zal het zijn over my dead body! Want Gerard hiéld van mij! Hij zou nooit gewild hebben dat het smerig varken… Gerard hield van mij alléén! Hij heeft zelfs een liedje geschreven, speciaal voor mij! Isabel danst, waarop ik nog altijd dans, op het zoete geluid van zijn helse stem en… En ik hield van hem… en dat ik hem toen heb bedrogen met die… met die gigolo… Gij hadt hem ingehuurd, Leduc! Gij! Ik zal het hem, en u, en mijzelf nooit meer vergeven! Et voilà… Toen kwam er dus een smerig varken met een lange snuit, en dan is ’t vertelselke uit, zeker?

VERKLARING VAN YVES BONDUELLE:

Kijk jong, ik wil alleen kwijt dat ik destijds tegen de politie gezegd heb – maar ze wilden mij niet geloven… Paar glaaskes teveel op… Het was nochtans simpel… Gerard geloofde dat hij de zoon van de Duivel was, of de reïncarnatie van Gerard de Duivel… Dat was voor hem ’t zelfde. Gerard geloofde dat de geschiedenis van het vervloekte Duivelsteen zich zou herhalen en hij heeft zélf zijn handen en voeten samen gebonden… en is zo in het water gesprongen. Gerard heeft zelfmoord gepleegd, ik heb dat met mijn eigen ogen gezien, en zo heb ik het ook aan de politie gezegd, maar ik had een paar glaaskes teveel op en ze wilden me niet geloven.
Waarom werd zijn lichaam dan nooit gevonden? Ja, dat weet ik ook niet… Het enige dat ik wél weet, is dat ik het met mijn eigen ogen heb zien gebeuren. Ze hebben nog gezocht, daar in het water bij het Duivelsteen. Ze hebben naar het lichaam van Gerard de Duivel gedregd. En ze hebben niks gevonden… En het lijk van die andere pippo hebben ze ook niet gevonden, nee… Maar die heb ik daar dan ook niet gezien. Niks hebben ze gevonden. Toch straf hé?
Nu goed, misschien heeft nog iemand anders gezien wat ik heb gezien… Dat Gerard in het water sprong en… ja, ik kon er hem niet uit halen, want ten eerste: ik kan niet zwemmen, en ten tweede: ik had een paar glaaskes teveel op… ’t Was toch Gentse Feesten voor iets, zeker? En een beetje muzikant heeft dan àltijd een paar glaaskes teveel op. Maar iemand anders, die wel kon zwemmen… die kan Gerard eruit gehaald hebben hé! En misschien was Gerard toen al dood en heeft die persoon het lijk dan laten verdwijnen… En ja, wààrom die persoon dat lijk dan zou hebben laten verdwijnen, dat weet ik ook niet. Ik ben maar een simpele muzikant. Maar dit is wat ik aan de flikken heb verteld…
Als ze mij iets vragen, dan zeg ik altijd dat Gerard zelfmoord heeft gepleegd. Er zijn natuurlijk ook mensen die beweren dat hij vermoord werd, maar dat kan ik moeilijk geloven. Ik heb destijds nauw samengewerkt met Gerard, en met Isabel, en ik ken Gilbert Leduc ook… en nee, dààr kan ik echt niet bij. Volgens sommigen zou Gerard gezegd hebben dat er een complot werd beraamd, waarvan hij vroeg of laat het slachtoffer zou worden. Een complot van zijn platenbaas Gilbert Leduc, zijn minnares Isabel Degraeve en haar nieuwe jonge Minnaar Zonder Naam… Hij moest sterven op de manier zoals Gerard de Duivel stierf in de legende: aan handen en voeten gebonden, in het water geworpen… En waarom moest hij sterven? Omdat Gilbert Leduc dan meteen daarna de cd Duivelsteen kon lanceren, met de grootst mogelijke hype, een gegarandeerd schandaalsucces… En omdat Isabel en haar jonge anonieme minnaar dan de handen vrij zouden hebben… En toen zou er iets verkeerd gelopen zijn tussen de drie samenzweerders, ze kregen ruzie, Isabel wilde de originele opnames niet afgeven die Leduc nog niet in zijn bezit had en… Enfin, de rest van het verhaal kent ge. Maar daar geloof ik dus niks van. Zeker Gilbert Leduc zit zo niet in elkaar, dat is eigenlijk zo’n beetje een moderne mecenas, en ik kan ervan meespreken. En Isabel is nooit tot dat soort beredeneerde, doordachte acties in staat geweest.
De Legende van Geraard de Duivel, verteld door een bewoner van het Duivelsteen:

De zoon van Zeger de Tweede wordt Geraard Vilain genoemd. Op zijn dertiende verjaardag vraagt zijn vader hem mee op kruistocht te trekken. Op naar het Heilig Land!
‘Het zal mijn hardvochtige en ongemeen wrede zoon goed doen,’ denkt de vader. Maar Geraard weigert. En de volgende dag vindt men zijn vader dood in zijn bed.
‘Vermoord door zijn eigen vlees en bloed!’ fluistert men in de goede stad Gent. En voortaan noemt eenieder de nieuwe burggraaf van Gent ‘Geraard de Duivel’.
Geraard de Duivel laat een somber kasteel bouwen. Het Duivelsteen heeft dikke muren. Het Duivelsteen heeft een indrukwekkende Rode Toren. Het Duivelsteen heeft een crypte en daarboven twee naast elkaar gelegen hallen van elk twee verdiepingen, waarvan de gewelven gestut worden door zware ronde zuilen.
In het Duivelsteen brengt Geraard de Duivel zijn dagen door met braspartijen en gruweldaden. In het Duivelsteen schenkt zijn vrouw hem een zoon, die ook Geraard moet heten. De zoon heeft een even donkere huidskleur als de vader. En hetzelfde zwarte haar. Daarom wordt de zoon ‘Geraard de Moor’ genoemd. Of kortweg: ‘de Moor’.
Geraard de Duivel vindt het niet prettig dat hij zo bruin is van vel en zo zwart van haar. Maar daar kan hij zijn vrouw toch onmogelijk de schuld van geven? Hij kan het haar wel kwalijk nemen dat zijn zoon even bruin is van vel als hijzelf. En even zwart van haar. Daarom schopt hij haar dood. Hallellujah!
Korte tijd later worden Geraard de Duivel en Geraard de Moor verliefd op hetzelfde mooie meisje. Haar naam is Jacoba van Zottegem. De Duivel stuurt de Moor naar de Rode Toren, om er met twee schippers een reis naar Zeeuws-Vlaanderen te bespreken. In werkelijkheid moeten ze de Moor aan handen en voeten gebonden, in een zak, van de toren in het water te gooien.
De zoon vertrouwt de vader niet. In een herberg zet de Moor vrolijk de bloemetjes buiten. Wanneer de Duivel met de twee schippers een glas wil drinken op de goede afloop van de zaak en de schemerige trap van de Rode Toren bestijgt, denken de huurmoordenaars dat zij met de Moor te maken hebben. Ze slaan de vader bewusteloos en stoppen hem aan handen en voeten gebonden in een zak. En ze gooien de zak in het water. En dit is het voorlopige einde van Geraard de Duivel. Hallellujah!
Geraard de Moor sterft op het einde van de dertiende eeuw. Met hem sterft ook het riddergeslacht van het Duivelsteen. Maar zijn schanddaden en die van zijn vader leven voort. Het Duivelsteen is behekst, fluistert men in de goede stad Gent. Het Duivelsteen is een spookslot, waar vader en zoon elkaar rusteloos achtervolgen. En elke dertien jaar of zo wordt hij hier ergens opnieuw geboren. Een zoon van de Duivel...
In de veertiende eeuw wordt het Duivelsteen gekocht door de goede stad Gent. Daarna is het een ridderverblijf, een stapelplaats, een tuchthuis, een gevangenis, een klooster, een school. Een jonge vrouw, aan handen en voeten gebonden en in een leren zak gestopt, wordt van de Rode Toren in het water geworpen. Waarom en door wie vertelt het verhaal niet.
Ik heb haar schim gezien. Ook zij doolt nog steeds rond in het Duivelsteen. Men heeft haar al vaak waargenomen achter een van de dertien grote spitsboogvensters. Soms hoort men haar nog wel eens in het water plonzen. Al kan dat natuurlijk ook de Duivel zijn.
In 1623 wordt het Duivelsteen een ‘dolhuis’ voor krankzinnigen en een tehuis voor mannelijke wezen. En nu, tweehonderd jaar later, is mijn vader de baas van dit gekkenhuis, waar ik met mijn ellendige lotgenoten vastgeketend lig aan lenden, polsen en enkels, op vies stro dat krioelt van ratten, in vochtige en tochtige kerkers.
Als wij ons goed gedragen, kunnen we na verloop van tijd een eigen hok krijgen…


